VerenigingsFokReglement (VFR)

Jop en Siep in de lentewei
foto Netty Way©

Dit VerenigingsFokReglement is op de ALV van 18 maart 2017 aangenomen met grote meerderheid van stemmen.

Deze gaan in 01-02-2018

Mocht u het onderstaande PDF document kunnen openen:
https://acrobat.adobe.com/nl/nl/acrobat/pdf-reader.html

DWVN definitief VerenigingsFokReglement 2018-02-01 

   

 

VerenigingsFokReglement

De Wetterhoun Vereniging Nederland (DWVN)

Ras: Wetterhoun.

1. ALGEMEEN

1.1 Dit fokreglement voor De Wetterhoun Vereniging Nederland (DWVN), hierna te noemen de vereniging, beoogt bij te dragen aan de behartiging van de belangen van het ras Wetterhoun zoals deze zijn verwoord in de statuten en het huishoudelijk reglement van de vereniging. Dit verenigingsfokreglement (VFR) is goedgekeurd door de algemene vergadering van de vereniging op 23 maart 2017. Inhoudelijke aanpassingen van het VFR kunnen uitsluitend plaatsvinden met instemming van de algemene vergadering van de vereniging.

1.2 Dit Verenigingsfokreglement geldt voor alle leden van de vereniging voor het ras de Wetterhoun.

1.3 Het bestuur van de vereniging verplicht zich de door de algemene vergadering van de Vereniging Raad van Beheer op Kynologisch Gebied in Nederland vastgestelde wijzigingen van het Kynologisch Reglement (KR), die betrekking hebben op dit VFR, terstond hierin door te voeren. In tegenstelling tot het gestelde in 1.1 behoeven deze wijzigingen niet de goedkeuring van de algemene vergadering van de vereniging. Dit ontslaat de individuele fokker niet van de plicht, zelf op de hoogte te zijn en te blijven van recente wijzigingen in het KR, ook als het bestuur van de vereniging hier in gebreke blijft.

1.4 Voor wat betreft de omschrijving van de in dit VFR genoemde definities gelden de omschrijvingen zoals vastgelegd in het Huishoudelijk Reglement en het Kynologisch Reglement van de Vereniging Raad van Beheer op Kynologisch Gebied in Nederland.

1.5 Voor wat betreft de externe regelgeving gelden de regels zoals vastgelegd in het Huishoudelijk Reglement en het Kynologisch Reglement van de Vereniging Raad van Beheer op Kynologisch Gebied in Nederland.

1.6 Inschrijving van een nest in de Nederlandse stamboekhuishouding (NHSB) door de Vereniging Raad van Beheer op Kynologisch Gebied in Nederland vindt plaats conform de regels zoals vastgelegd in het Kynologisch Reglement.

2.  FOKREGELS

2.1 Artikel VIII.2 KR in samenhang met regels van de vereniging:

Een teef mag niet worden gedekt door haar grootvader, haar vader, haar broer, haar zoon of haar kleinzoon. Pups voortgekomen uit één van de bovengenoemde combinaties zullen niet in het NHSB worden ingeschreven (art VIII.3 KR en art III.14 lid 1KR).

Naast bovenstaande verwantschappen zijn ook de volgende combinaties niet toegestaan:

  • Een teef mag niet worden gedekt door haar halfbroer

Pups geboren uit de combinatie teef –halfbroer worden wel ingeschreven in het NHSB

2.2 Herhaalcombinaties

Dezelfde oudercombinatie is maximaal 1 maal toegestaan.

2.3 Minimum leeftijd reu

De minimale leeftijd van de reu op de dag van de dekking moet tenminste 24 maanden zijn.

 2.4 Aantal dekkingen

Een reu mag tot zijn tiende levensjaar of één nest of een vervolgnest als het aantal nakomelingen van deze reu het getal 5 nog niet overschreden heeft.

Na zijn 10de jaar mag een reu nog 1 maal dekken.

Als geslaagde dekking geldt een dekking waaruit minimaal één levende pup is voortgekomen en ingeschreven in het NHSB.

NB 1: In bijzondere omstandigheden zal een nest niet worden ingeschreven in het NHSB (artikel III.14 KR). Ook dan wordt uitgegaan van een geslaagde dekking.

NB 2: indien sperma wordt gebruikt van de reu voor kunstmatige inseminatie (KI), telt dit mee als een ‘dekking’.

2.5. Cryptorchide en monorchide

Cryptorchide of monorchide reuen zijn uitgesloten van de fokkerij.

2.6 Gebruik buitenlandse dekreuen:

Wanneer een lid van de vereniging voor een dekking een reu gebruikt die in het stamboek van een buitenlands door de FCI erkend stamboek is ingeschreven, dan moet deze reu voldoen aan de eisen die voor dekreuen in dat betreffende land gelden. Deze reu dient tevens aan de eisen van dit VFR te voldoen.

2.7 Kunstmatige inseminatie (sperma van levende en/of overleden dekreuen):

Als een fokker voor een dekking het sperma gebruikt van een nog in leven zijnde/of overleden dekreu, dan gelden voor deze dekking de regels van dit Verenigingsfokreglement alsof het een natuurlijke dekking van de dekreu betreft.

3.  WELZIJNSREGELS

3.1 Minimum leeftijd teef:

Een teef mag niet worden gedekt vóór de dag waarop zij de leeftijd van 24 maanden heeft bereikt.

3.2 Maximum leeftijd 1e dekking teef:

Een teef waaruit niet eerder pups zijn geboren mag niet worden gedekt na de dag waarop zij de leeftijd van 72 maanden heeft bereikt.

3.3 Maximum leeftijd teef:

Een teef waaruit eerder pups zijn geboren mag niet meer worden gedekt na de dag waarop zij de leeftijd van 96 maanden heeft bereikt.

3.4 Aantal nesten:

Een teef mag niet meer worden gedekt na de dag waarop haar tweede nest is geboren.

3.4.1 Een teef mag maximaal twee nesten.

3.5 Volgende dekking na vorig nest:

Tussen de geboortes van twee opeenvolgende nesten van dezelfde teef dient een termijn van minstens 12 maanden te zitten.

3.6 Keizersnede

Indien de geboorte van een nest voor de eerste maal door middel van een keizersnede heeft plaatsgevonden, mag de teef niet meer voor de fokkerij worden gebruikt.

3.7 Good Breeding Practice:

Fokkers die onder begeleiding van DWVN fokken, worden gehouden aan de gebruikelijke regels van Good Breeding Practice, waaronder ook vallen: welzijn van teef en pups, vakkundige zorg, hygiëne, eerste socialisatie, gebruikelijke veterinaire begeleiding, goede informatie en begeleiding van de pup vóór, tijdens en minimaal 1 jaar na de koop.

4.  GEZONDHEIDSREGELS

4.1 Gezondheidsonderzoek (screening) ouderdieren: preventieve screening van ouderdieren moet, als het gaat om door de Raad van Beheer opgestelde en/of goedgekeurde geprotocolleerde onderzoeken, plaatsvinden door deskundigen die erkend zijn door de Raad van Beheer conform de door de Raad van Beheer voor deze onderzoeken opgestelde en/of goedgekeurde onderzoeksprotocollen.

4.2 Verplicht screeningsonderzoek:

Op basis van wetenschappelijk onderzoek zijn de volgende gezondheidsproblemen binnen het ras vastgesteld en moeten de ouderdieren vóór de dekking worden onderzocht op:

SCID (DNA test SCID 2/ H456) via Van Haeringen Laboratories te Wageningen. Honden waarvan beide

ouderdieren volgens genoemde DNA test ‘SCID vrij’ verklaard zijn, zijn vrijgesteld van de verplichte SCID test.

4.3 Aandoeningen met honden die lijden aan een of meer van onderstaande aandoeningen mag niet worden gefokt.

Uitsluiting van de fokkerij op basis van erfelijke ziektes:

Honden die in meer of mindere mate lijden aan hieronder genoemde (erfelijke) ziektes worden uitgesloten van de fokkerij, tenzij het ziektebeeld aantoonbaar geen erfelijk component heeft (veroorzaakt door trauma of andere omgevingsfactoren). In alle gevallen moet de diagnose bevestigd worden door een originele dierenartsverklaring, een laboratoriumonderzoek etc.

  • Combinatie van 2 dragers van het SCID-gen is niet toegestaan
  • Epilepsie
  • ED
  • Klinische HD
  • Hartafwijkingen (pulmonaal of aortastenose, PDAB, e.d.)
  • Entropion, Ectropion
  • Hypothyreoidie
  • Cryptorchie/ Monorchidie

4.4 Diskwalificerende fouten:

Honden die één of meer van de hieronder genoemde gebreken vertoond worden uitgesloten van de fokkerij:

  • Ernstige onder- of bovenvoorbeet
  • Beiderzijdse doofheid (vastgesteld conform de BAER test)
  • Blindheid (enkel of beiderzijds)
  • NB 1: Onderzoeksrapporten moeten met de dek-/ fokadviesaanvraag worden meegestuurd
  • NB 2: Diskwalificerende fouten die veroorzaakt zijn door ongevallen (zoals trauma en intoxicatie) zijn hiervan uitgezonderd, mits bevestigd door een originele verklaring van een dierenarts.

4.5 Uitsluiting bij hoge incidentie van overige (erfelijke) ziektes, gebreken e.d.:

In het geval er sprake is van opvallend hoge incidentie van erfelijke ziektes worden, indien de erfelijkheidsgraad en fokwaardeschatting bekend is, combinaties met verhoogd risico uitgesloten worden van de fokkerij. Bij ziekten die (ernstig) lijden veroorzaken kan directe incidentie van beide ouders dan wel grootouders aan zowel moeder als vaders kant, ook een criterium zijn om geen combinatie te vormen.

4.6 Gezondheid en vitaliteit:

Beide ouderdieren moeten over goede gezondheid, goede vitaliteit en goed gedrag beschikken. Een recente gezondheidskeuring, zoals beschreven in artikel 7.2 van dit reglement, is daartoe verplicht.

5.  GEDRAGSREGELS

5.1 Karaktereisen:

Beide ouderdieren moeten voldoen aan de karaktereisen en het gedrag zoals die in de rasstandaard zijn beschreven.

5.1.1 Met dieren die lijden aan agressiviteit, nervositeit en/of angstgedrag, mag niet worden gefokt.

5.2 Gedragstest:

Een verplichte gedragstest is niet van toepassing.

6.  WERKGESCHIKTHEID

6.1 Een verplichte werkgeschiktheidstest is niet van toepassing.

7.  EXTERIEURREGELS

7.1 Deelname aan exposities is niet verplicht.

7.2 Fokgeschiktheidskeuringen zijn niet van toepassing

7.3 Gezondheidskeuring

Iedere hond waarmee gefokt wordt moet een gezondheidskeuring ondergaan. De keuring is verplicht voor alle honden waarmee onder begeleiding van DWVN wordt gefokt.

7.4 De gezondheidskeuring bestaat uit controles op gezondheid, vitaliteit, karakter, gedrag,

functionele bouw, gangwerk, type. 

7.5 De keuring op gezondheid, vitaliteit, karakter, gedrag, functionele bouw, gangwerk en type moet worden uitgevoerd door een dierenarts die in ruim voldoende mate bekend is met het ras en moet bestaan uit een zeer uitgebreide (familiale) anamnese, klinisch onderzoek en (indien nodig) aanvullend klinisch onderzoek.

8.  REGELS AFGIFTE PUPS

8.1 Ontwormen en enten:

De fokker draagt zorg voor het deugdelijk ontwormen en vaccineren van de pups volgens gangbare veterinaire inzichten en voor een volledig door de dierenarts ingevuld en ondertekend Paspoort voor Gezelschapsdieren. De pups dienen bij aflevering adequaat ontwormd te zijn en zij dienen voorzien te zijn van een unieke ID-transponder.

8.2 Aflevering pups

De pups mogen niet eerder worden afgeleverd dan op de leeftijd van zeven weken. Tussen de eerste enting en de overdracht aan de nieuwe eigenaar moeten minimaal zeven dagen zitten.

9.  SLOT- EN OVERGANGSBEPALINGEN

9.1 Dit reglement is niet van toepassing op nesten die geboren worden uit een teef gedekt op of voor de dag waarop dit reglement in werking treedt.

9.2 Gezondheidsuitslagen, gedrags- en/of werkkwalificaties die zijn afgegeven en/of voor de inwerkingtreding van dit reglement hebben plaatsgevonden, worden geacht onder de werking van dit reglement te zijn inbegrepen.

9.3 Dit reglement is van toepassing op de huidige stamboom Wetterhoun populatie.

Voor honden voortkomend uit het outcross project dient het fokreglement te worden aangepast.

9.4 In bijzondere gevallen kan de vereniging bij een besluit met betrekking tot het toestaan van een bepaalde combinatie afwijken van dit VFR, indien de belangen van het ras daardoor worden gediend. Een besluit op basis van dit lid wordt met redenen omkleed aan de leden van de vereniging bekend gemaakt.

9.5 In bijzondere gevallen waarin combinaties strijdig zijn met het reglement van de Raad van Beheer zal de vereniging geen toestemming geven voor een dergelijke combinatie.

9.6 In gevallen waarin dit VFR niet voorziet beslist het bestuur van de vereniging.

9.7 Tegen beslissingen van de vereniging waarbij een belanghebbende rechtstreeks in zijn belang wordt getroffen staat bezwaar open bij het bestuur, en na afwijzing dan wel ongegrondverklaring van het bezwaarschrift staat voor de belanghebbende beroep open bij de algemene vergadering.

9.8 Sancties:

In het geval de fokker de regels opgesteld in dit VFR niet naleeft zal, als onderling overleg niets oplost, DWVN de begeleiding van de betreffende fokker – begeleiding die zich uitstrekt van ‘partnerkeuze’ tot en met bemiddeling in de verkoop van de pups – niet opstarten of staken. In het uiterste geval zal DWVN overgaan tot royement van het betreffende lid.

9.9 Aansprakelijkheid:

DWVN-bestuur en haar Werkgroep Fokkerij hebben voor fokkers een adviserende en begeleidende taak. De fokkers zijn en blijven primair verantwoordelijk en aansprakelijk voor hun eigen handelen. Ondanks de grote zorgvuldigheid betracht bij het adviseren en begeleiden kunnen DWVN-bestuur en haar Werkgroep Fokkerij geen aansprakelijkheid aanvaarden voor eventuele gevolgen van het handelen of juist nalaten van handelen van fokkers.

10.   INWERKINGTREDING

10.1 Dit Verenigingsfokreglement treedt in werking, nadat het reglement is goedgekeurd door het bestuur van de Raad van Beheer conform de artikelen 10 HR en VIII 5+6 KR.

10.2 Nesten die onderdeel zijn van het herintroductie-programma van nieuwe Friese founders vallen niet onder dit regelement. Tezijnertijd zal hier een apart regelement voor worden opgesteld.

Aldus vastgesteld door de Algemene Leden Vergadering van De Wetterhoun Vereniging 18-03-2017

Voorzitter Geert Jan Zanstra                                      Secretaris Cathrienke Brandt